Naar de wijnen van isabel en franc

château le jonc blanc

De verongelijkten.

Althans, zo zou je Franc kunnen beschouwen. Is ‘ie niet hoor, maar hij is zo serieus, rechtlijnig, intelligent en streng. Kan weinig lachje af lijkt het, maar dat is buitenkant. ’t Zijn gewoon twee keiharde werkers die op de grens van de overbetaalde Bordeaux, in het lullige Bergerac-appelatietje, wijnen maken van zes keer zoveel kwaliteit als diezelfde buren. Maar het begint gelukkig te komen, de waardering. Van ons als eerste in Nederland, maar vooral van de franse wijnpers. De laatste jaren overladen met prijzen, sterretjes in gidsjes en dergelijke. En terecht. Worstelend met begrippen als bio-dynamie, biologisch, zuiver in de leer, zwavel arm en wijntechniek liepen we zijn wijngaarden door. Die perceeltjes konden door de bocht, die daar, daar mocht nog wel wat arbeid verricht worden, maar er gloorde reeds een glorieus domein met een grote naam. Soms voel je dat. Hij herinneerde zich nog de ultra-korte kennismaking met Vleck op de enorme Omnivore-beurs. Ik proefde de basiswijn, knikte, stak zijn kaartje in mijn zak, gaf mijn kaartje, en zei ik laat nog wat van me horen. Meer dan 9 maanden later refereerde hij aan dit moment, toch uniek als er zo’n duizend mensen langs je trekken in twee dagen. Een soort schaker die momenten opslaat die er toe doen. De rest is maar balast. Hij gaf Vleck het leukste compliment denkbaar voor een importeur toen hij voor het eerst op onze Salon was. Nog nooit zo’n consistent hoog niveau meegemaakt, zei hij, en hij meende het en was blij.  Waarom zou je onzin uitkramen.

Naar de site van Jonc Blanc